In een goed centrum gaat het niet om òf het winkelen òf de cultuur-historie òf de verblijfskwaliteit òf….. Het gaat om het op een harmonieuze wijze samengaan van al die aspecten die een centrum interessant en gezellig maken.
De verschillende aspecten die zullen worden behandeld zijn achtereenvolgens:
| Ruimtelijke identiteit | terug naar boven |
De ruimtelijke identiteit wordt bepaald door het kenmerkende patroon van de openbare ruimte met de bijbehorende inrichtingsbeelden, in combinatie met de karakteristiek van de bebouwing. Het gaat daarbij in Zuidhorn om, in karakter, zeer verschillende ruimtetypes. Het is de bedoeling de nieuwe ontwikkelingen in de kom zo naadloos mogelijk aan te laten sluiten op de bestaande structuur. Bij veranderingen wordt dan ook zo veel mogelijk aangesloten op ruimtetypes die er al zijn, behalve op plaatsen waar die ruimtelijke structuur afbreuk doet aan het geheel (bijv. Dorpsvenne, Overtuinen). De ruimtetypes worden hierna voorzien van een naam en kenmerkende omschrijving.
| |
| Dorpserf De bebouwing is nagenoeg aaneensluitend gerealiseerd, maar is per perceel verschillend. Dat komt tot uitdrukking in kleine wisselingen in de rooilijn, kleine verschillen in goot- en nokhoogte en nuanceringen in het materiaalgebruik. De hoogte varieert van één laag met kap in de kleinere stedenbouwkundige ruimtes (bijvoorbeeld Nieuwstraat) tot twee hoge verdiepingen met kap aan de grotere ruimtes (bijvoorbeeld Hoofdstraat). | |||
| Tuinen, hagen en
hekken Het gebied van de tuinen en de erfafscheidingen rond de N.H. kerk wordt gekenmerkt door een zeer losse structuur, waarbij het bindmiddel vooral wordt gevormd door de overal aanwezige voortuintjes, erfafscheidingen, gras en bomen. Ondanks de vaak tamelijk open bebouwing ontstaat toch een zeer intieme en besloten sfeer. Ook bij nieuwe projecten in deze omgeving is een passende erfafscheiding, bijvoorbeeld in de vorm van een haag, dringend gewenst. De verharding heeft een zeer informeel en landelijk karakter. In het zuidelijke deel is de bebouwing vrij in de ruimte geplaatst, er vormen zich nauwelijks straatwanden. De bebouwing is individueel van aard, waarbij wat grotere en wat kleinere panden elkaar af kunnen wisselen. Wat meer naar het noorden blijft de typering van de bebouwing gelijk, maar de plaatsing wordt zodanig dat zich wel gedifferentieerde straatwanden gaan vormen. | |||
| voortuintjes, erfafscheidingen | straatbeeld nabij de N.H. kerk | ||
|
| |||
|
Lanen De laanbomen op de hoek Hoofdstraat/Klinckemalaan vragen als het ware om een verdere uitbouw in oostelijke richting langs de Hoofdstraat. De oprit naar de historische herberg (In 't Holt) wordt daarmee versterkt. | |||
|
Grootschalige functies | |||
|
Het Zonnehuis heeft een andere schaal dan de historische dorpsbebouwing en bij iedere herstructurering zal dat ook, tot op zekere hoogte, het geval blijven. Op de plaats van het voormalige gemeentehuis is een appartementengebouw gerealiseerd en als de Oosterburcht vervangen mocht worden, zal ook daar sprake zijn van een andere schaal. Het beeld tekent zich af dat de Wilhelminalaan een andere schaal heeft en zal krijgen dan de omgeving van De Gast en de Jellemaweg en de N.H. kerk. Dat schaal- en milieuverschil zal -waar mogelijk- bewust worden ingezet bij het verdelen van functies over de kom. | |||
| Kwaliteiten en
verstoringen Het dorpserf, het gebied van de tuinen en de erfscheidingen, de groengebieden en de lanen worden beschouwd als de onderdelen die een belangrijke positieve bijdrage leveren aan de identiteit van de kom. Dat wil niet zeggen dat er geen verbeteringen en aanpassingen nodig en/of wenselijk zijn, maar de structurele kenmerken kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan de kwaliteit van de kom zoals die wordt nagestreefd. De supermarktpleinen worden beschouwd als elementen die een duidelijke verstoring vormen van het beeld, zoals dat voor het dorp wordt nagestreefd. Overigens ligt dat nog meer aan het karakter van de openbare ruimte dan aan de schaal van de bebouwing. In functionele zin is de relatie tussen het Zonnehuis en de dorpskom van betekenis, maar de vorm is zodanig dat er van een ruimtelijke integratie geen sprake is. Het Zonnehuis levert in zijn huidige vorm geen kwalitatieve bijdrage aan de entree van het dorp. De Eiberhof heeft als gebouw een schaal die feitelijk in de kom niet thuis hoort, maar de aanwezigheid van de royale tuin aan de voorzijde vergoedt veel voor wat betreft de aanblik van De Gast. Met name in de Molenstraat, die in het geheel van de kom een substructuur vormt, is de Eiberhof een dissonant. | |||
| Cultuur-historische iconen | terug naar boven |
De ruimtelijke identiteit, zoals die hiervoor is beschreven,
slaat in hoofdzaak op de structuur. Daarnaast heeft ieder dorp of stad zijn
gebouwen of plekken, waaraan een bijzondere hechting bestaat en die -meer dan de
andere gebouwen of plekken- de identiteit bepalen. Vaak zijn dat oude gebouwen
of pleinen (de Grote Markt in Groningen), maar ook kan het gaan om nieuwe
projecten (de Erasmusbrug in Rotterdam).
Op de schaal van Zuidhorn zijn de
volgende onderdelen als ensembles van bijzondere waarde aan te merken.
- De Gast en de Hoofdstraat.
- Het ensemble van het oude raadhuis met het aanliggende horecabedrijf, samen met het groen en de panden in de directe omgeving.
- De N.H. kerk met de pastorie en de bijbehorende omgeving, met de bijbehorende hekken, tuinen, bomen en dergelijke.
De cultuurhistorische iconen vragen om extra aandacht; voor wat betreft hun ruimtelijke kwaliteit én voor wat betreft hun functionele invulling.
|
De Gast en de Hoofdstraat |
het oude raadhuis |
|
|
|
|
de N.H. kerk |
|





