Dualisme: scheiding van taken en bevoegdheden
Op 7 maart 2002 is de Wet dualisering gemeentebestuur in werking getreden. Door deze wet heeft het lokaal bestuur in Nederland de belangrijkste verandering ondergaan sinds 1851, het jaar waarin de Gemeentewet zijn intrede deed. Het centrale thema van deze wet is dualisme. Dit houdt onder andere in dat de wethouders (die deel uitmaken van het college van burgemeester en wethouders) geen lid meer zijn van de gemeenteraad, zoals dat vóór 7 maart 2002 wel het geval was.
Raad stelt kaders op hoofdlijnen, college voert beleid uit
De taken en de bevoegdheden van de gemeenteraad (het vertegenwoordigend orgaan) en die van het college van burgemeester en wethouders (het uitvoerend orgaan) zijn nu duidelijker gescheiden. De raad stelt de kaders van het beleid van de gemeente op hoofdlijnen vast (voornamelijk via verordeningen) en richt zich op de (financiële) controle van het college van burgemeester en wethouders. Het college van burgemeester en wethouders doet (beleids-) voorstellen aan de raad en voert deze in de praktijk uit.
Raad heeft meer ruimte voor vertegenwoordigende taak
Door deze scheiding van taken en bevoegdheden heeft de raad meer ruimte voor zijn vertegenwoordigende taak. De burgemeester heeft een ietwat bijzondere positie. Hij is voorzitter van zowel de raad als van het college van burgemeester en wethouders en heeft als burgemeester ook zijn eigen taken en bevoegdheden op het gebied van openbare orde, veiligheid en de volksgezondheid. Het voert te ver om op deze website uitvoerig in te gaan op de Wet dualisering gemeentebestuur en de gevolgen ervan. Op de website www.actieprogrammalokaalbestuur.nl (website opent in nieuw venster) kunt u alles over het dualisme lezen. U kunt ook de griffie raadplegen voor nadere informatie.